mater dei

We merken op school dat niet elk kind met eenzelfde beginsituatie in de klas zit. Deze diversiteit vraagt om differentiatie en ondersteuning op zowel het vlak van leerinhouden, werkvormen en compensatiemiddelen als op socio-emotioneel vlak.

Als team geloven we dat de wijze waarop het kind zich voelt en uit, hoe betrokken het is, nauw verbonden is met het aangebodene en de onderwijsstijl van de leerkracht. We vinden het heel belangrijk dat kinderen het succes van hun eigen inspanningen mogen ervaren en hieruit moed putten om een volgende stap in hun leerproces te kunnen zetten. We zien het als onze opdracht om dit, via onze aanpak, zoveel mogelijk te beogen.

Een kwalitatief goede preventie en remediëring zorgt bijna automatisch voor een socio-emotioneel evenwicht enerzijds, en anderzijds garanderen een goed welbevinden en hoge betrokkenheid een betere kwaliteit van de preventie en remediëringsmaatregelen. Deze twee zijn bijna niet los te zien van elkaar. We waarderen de verschillen tussen kinderen. Niet ieder kind kan dezelfde leerstof op hetzelfde tempo verwerken. Vanuit deze visie stellen we ons de vraag: “Wat heeft dit kind, van deze ouders, in deze klas, bij deze leerkracht, op deze school de komende periode nodig?” We richten ons vooral op het doel dat we willen bereiken en de aanpak die daarvoor nodig is. Hierbij vertrekken we steeds van de sterke kanten van het kind. Door de positieve kenmerken te betrekken bij het formuleren van doelen, voorkomen we te lage doelen. Wanneer we zien wat goed gaat, formuleren we ambitieuzere doelen, denken we optimistischer over de toekomst en handelen we ernaar. Dit zal het leren, de werkhouding en het sociaal-emotioneel functioneren van onze leerlingen in gunstige zin beïnvloeden. We vinden het belangrijk dat we hierbij rekening houden met hetgeen het kind aankan maar ook met de mogelijkheden van de leerkracht en de ouders. Het moet haalbaar blijven voor alle betrokken partijen.

Bij het formuleren van onderwijsbehoeften benutten we de kennis en ervaring van alle betrokkenen, zoals: leerkracht, zorgcoördinator, co-teacher, Gon-begeleider, CLB-medewerker, ouders en ook van het kind zelf. We werken daadwerkelijk samen en bevorderen zo de betrokkenheid en medeverantwoordelijkheid. Wanneer we een kind verwijzen naar een andere school is dit steeds omdat we geloven dat dit een meerwaarde voor het kind inhoudt. Dit gebeurt steeds in nauw overleg met het CLB en de ouders.